Waardeer een onderneming via een vijfjaars DCF met genormaliseerde EBITDA, een opgebouwde WACC en een gevoeligheidsraster, met een multiples-band als kruiscontrole — en reken de uitkomst direct door naar uw situatie: bedrijfsopvolging met BOR, een aanmerkelijkbelangafrekening, een WHOA-vergelijking met de liquidatiewaarde of een verdeling bij echtscheiding.
De uitkomst van een DCF hangt sterker af van de disconteringsvoet en de eeuwigdurende groei dan van de kasstromen zelf. Een halve procentpunt WACC verschuift de waarde van een middelgrote onderneming al snel met een tiende. Daarom staat het gevoeligheidsraster niet achterin maar naast de uitkomst: het laat zien hoe hard uw waarde beweegt bij aannames die net zo verdedigbaar zijn als die van u. En daarom is de multiples-band erbij gezet — niet als tweede waardering, maar als plausibiliteitstoets.
De fiscale doorrekening maakt de waarde vervolgens concreet. Bij een bedrijfsopvolging bepaalt de verhouding tussen ondernemings- en beleggingsvermogen hoeveel van de waarde onder de vrijstelling valt en wat er aan schenk- of erfbelasting overblijft; bij een aanmerkelijk belang gaat het om het vervreemdingsvoordeel boven de verkrijgingsprijs, eventueel na een korting voor beperkte verhandelbaarheid. Elk rapport legt de normalisatie, de WACC-opbouw, de aannames en de gebruikte datasetvintage vast, zodat de waardering navolgbaar en herhaalbaar is.